Help de dieren

Amfibieën

Amfibieën

Wil je amfibieën zoals padden, kikkers en salamanders helpen?

Sluit je dan aan bij een paddenwerkgroep en help mee met de jaarlijkse paddentrek.

Heb je een (gevel)tuin? Richt die dan amfibievriendelijk in.

Amfibievriendelijke tuinen

Amsterdammers die hun tuin amfibievriendelijk willen (her)inrichten kunnen advies krijgen van vrijwilligers van GroeneBuurten.

De inrichting van je voor-, achter- of geveltuin is van groot belang voor de overlevingskansen van een amfibie. Denk aan minder tegels; een voldoende diepe en goed ingerichte vijver, passages naar de buren. Speciale beplanting met schuilmogelijkheden tegen vijanden als loslopende huiskatten maar ook een meeuw of reiger eet graag een amfibie. Veel van deze maatregelen dragen ook nog eens bij aan het regenbestendig maken van de woonomgeving.

Vrijwilligers van de werkgroep Paddentrek Vondelpark komen op afspraak langs voor advies en tips bij de (her)inrichting van je tuin. Wil je persoonlijk advies? Neem contact op met GroeneBuurten via info@groenebuurten.nl of 020-6628237.

Paddentrek

Elk voorjaar vindt in het Vondelpark een paddentrek plaats. Vanaf de schemering tot een uur of negen lopen vrijwilligers door het park met een emmer en zaklantaarn. Ze helpen amfibieën veilig over te steken van hun overwinteringsplaats in omliggende tuinen naar paarpoelen op de Koeienweide en Schapenweide. Het Vondelpark is niet een ideale plek voor de paddentrek. Brede lanen en diepe putten eisen een grote tol onder de trekkende amfibieën. Verstijfd door de winterkou zijn padden, kikkers en salamanders nog erg traag en omdat fietsers en sporters ze moeilijk kunnen zien worden ze vaak verpletterd onder wiel of schoen.

Meer weten over of helpen met de amfibieëntrek in het Vondelpark of andere locaties? Kijk op www.hetvondelpark.net of www.padden.nu .

Bijen

Soorten bijen

Naast de honingbij, die in volken leeft, komen in Nederland meer dan 300 verschillende soorten wilde bijen voor. Wilde bijen leven solitair. Hoewel ze geen honing produceren, zijn ze erg belangrijk voor ons: 80% van de landbouwgewassen wordt door wilde bijen bestoven. Meer dan de helft van de in Nederland voorkomende wilde bijen wordt echter bedreigd.

Hoe helpen we de wilde bij?

Wilde bijen hebben plekken nodig om hun eitjes af te zetten. Wat voor plekke dat zijn, hangt af van de soort. In het algemeen geldt: bijen houden van rommelige hoekjes, met dode stengels, stukjes hoog gras onder een haag. Ruim je tuin dus niet strak op en knip dode stengels pas zo laat mogelijk in het jaar af. Bijen hebben daarnaast voldoende stuifmeel en nectar over, van het vroege voorjaar tot de late herfst.

Met welke planten helpen wij de bij?

Om solitaire bijen langdurig te helpen zijn inheemse, meerjarige planten of heesters/klimplanten het meest geschikt. Via www.drachtplanten.nl zijn veel lijsten van geschikte planten beschikbaar.

Bloemenmengsels

Heb je een stuk grond dat alleen voor één jaar beschikbaar is of is er onvoldoende geld beschikbaar? Dan is het bloemenmengsel voor bijen een geschikt alternatief. Dit mengsel is populair bij honingbijen en hommels en bij sommige solitaire bijensoorten. De zadenmengsels van inheemse soorten zijn wel duurder dan andere zadenmengsels.

Maar ook met de inzaai van rode en witte klaver help je hommels en andere solitaire bijensoorten die enorme liefhebbers zijn van klaver. De Bijenstichting heeft deze klaversoorten als zaden te koop. Ook van enkele zonnebloemen worden de hommels al bij, en daar heb je bijna geen ruimte voor nodig. De Bijenstichting verkoopt ook gifvrije zonnebloemen.

Vaste planten

Ook diverse vaste planten zijn geschikt als voedselplanten. Daarmee kan je een mooie bloemenborder samenstellen. Sinds dit jaar werken de Vlinderstichting en de Bijenstichting samen met Hello Garden.
Onder deze merknaam vindt u in veel tuincentra tafels met bijen- en vlinderlokkende planten. Het assortiment is niet biologisch gecertificeerd maar de kweker, Griffioen, gebruikt tijdens de opkweek geen neonicotinoïden die voor bijen schadelijk zijn.

Bent u op zoek naar speciale planten? Bij diverse gespecialiseerde, lokale kwekerijen zoals De Hessenhof, Kwekerij Depensens en Kwekerij van Houtum kunt u prachtige planten kopen.
Bron: Bijenstichting.

Vleermuizen

Van de 20 soorten vleermuizen in Nederland leven er bijna  10 in Amsterdam. Precieze aantallen zijn niet bekend maar de schatting is zo’n 50.000 vleermuizen.

O.a. de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis, de rosse vleermuis, de meervleermuis, de watervleermuisen de laatvlieger.

In Nederland is de vleermuis een beschermde diersoort. Vleermuizen zijn vliegende zoogdieren en krijgen slechts 1 jong per jaar. Mannetjes en vrouwtjes paren in het najaar. Het vrouwtje bewaart het zaad van het mannetje in een klier in haar lichaam zonder de eicel te bevruchten. Na de winterslaap eet het vrouwtje eerst bij om haar vetreserve op peil te krijgen. Daarna vindt pas de inwendige bevruchting plaats. In mei krijgen de vrouwtjes hun jong. De vrouwtjes en jongen hangen in grote groepen van soms wel honderden bij elkaar in een kraamkolonie.

Een vleermuis eet in de zomer gemiddeld 3000 insecten zoals muggen, motten en kevers per nacht.

Vleermuizen houden een winterslaap van november tot en met maart.

Waar leven ze

Veermuizen verblijven overdag op donkere, droge en warme plekken zoals in spouwmurenen daklijsten van gebouwen, in speciale vleermuiskasten en in boomholtes.

In Amsterdam gaat het best goed met de vleermuis. Ze hebben wel last van een veranderende leefomgeving. Huizen worden steeds beter geïsoleerd waardoor de vleermuizen niet meer via kleine gaatjes in de spouwmuren of onder dakpannen kunnen komen. Gelukkig wordt er ook steeds meer natuurinclusief gebouwd. Nieuwbouwhuizen krijgen o.a. vleermuiskasten in de gevels en groene daken.

Stadsecologen van de Gemeente Amsterdam doen veel vleermuisonderzoek en houden de gegevens bij op  een digitale kaart. Zo is er steeds meer bekend over de verschillende winter-, zomer-, balts- en paarverblijven en kraamkamers.

Wat kan jij doen?

Je kan de vleermuizen op verschillende manieren helpen. Plaats bijvoorbeeld een vleermuiskast aan de muur van je huis. Zet verschillende inheemse planten , struiken en bomen in je tuin die insecten aantrekken, een lekker hapje voor de vleermuis. Een vijver zorgt voor drinken en trekt ook weer insecten aan. En heb je een kat, haal die dan in de zomermaanden naar binnen zodra het gaat schemeren.

Wordt er een oud gebouw bij jou in de buurt gesloopt, dan is er een kans dat daar vleermuizen (en mussen en gierzwaluwen) verblijven.

Als je een vleermuis aan een boom ziet hangen of op een muur is er niet meteen iets aan de hand.

Zie je overdag een vleermuis liggen op de grond? Misschien is de vleermuis ziek, gewond of verzwakt.  Pak de vleermuis nooit op met blote handen. Bel eventueel een vleermuisdeskundige of opvangcentrum. Kijk voor verschillende situaties en advies op www.vleermuis.net.

Excursies

In het laatste weekend van augustus vindt de Nacht van de Vleermuis plaats. Een initiatief om aandacht te vragen voor deze kleine zoogdiertjes. Tijdens de Nacht van de Vleermuis zijn er in heel Nederland vleermuisactiviteiten voor jong en oud.

GroeneBuurten organiseert jaarlijks spannende excursies onder begeleiding van een stadsecoloog/vleermuisspecialist. Met een bat detector kan je de vleermuizen ook horen en wie weet ga je ze ook nog zien! De locatie varieert elk jaar, het ene jaar in het Vondelpark en het andere jaar in een andere buurt of park. Houd de Agenda in de gaten.